Content area
Abstract
De duinen gelegen tussen Scheveningen en het Wassenaarse Slag, hier aangeduid als de Wassenaarse duinen, vormen het wingebied van de Duinwaterleiding van 's-Gravenhage. Zij beslaan een oppervlakte van ca. 1800 ha. Sinds 1955 wordt dit gebied in verband met de drinkwatervoorziening kunstmatig geinfiltreerd.
Deze studie geeft een beschrijving van de plantengemeenschappen die in dit duingebied werden aangetroffen voordat de gevolgen van de infiltratie zich op de begroeiing deden gevoelen. In combinatie met onder meer de reeds eerder vervaardigde vegetatiekaart (zie Bijlage) stelt deze beschrijving ons in staat de wijzigingen in de vegetatie, die zich thans onder invloed van de bevloeiing voltrekken, te bestuderen.
Voor dit onderzoek werd gebruik gemaakt van de vegetatiekundige methodiek volgens BRAUN-BLANQUET. In enkele gevallen, nl. waar het karakter van de vegetatie daartoe aanleiding gaf, werd evenwel aangesloten bij de beschrijvingstechniek der Skandinavische auteurs. In de algemene inleiding wordt vrij uitvoerig ingegaan op enige moeilijkheden van principiele aard, die zich bij de classificatie van vegetatie-eenheden overeenkomstig het zg. Frans-Zwitserse systeem voordoen. Het blijkt dat deze moeilijkheden veelal worden ontgaan bij een classificatiesysteem dat zich baseert op het synusium. Meer aandacht voor een indeling naar dit principe binnen de kring der Frans-Zwitserse vegetatiekundigen ware gewenst.
Bij de beschrijving is naast de floristische samenstelling en het areaal der gemeenschappen veel aandacht geschonken aan hun onderlinge betrekkingen. Binnen de hoofdstukken, die in grote lijn bij de plantenformaties aansluiten, richt de indeling zich dan ook naar de successie.
Een opsomming der behandelde gemeenschappen vindt men in de inhoudsopgave. De plaats der gemeenschappen in het Frans-Zwitserse systeem blijkt uit het overzicht op p. 10. De hier gebezigde indeling wijkt van de gebruikelijke af ten aanzien van de rangschikking der Anthyllis vulneraria-Silene nutans-ass. en Festuca ovina-Galium www-ass. onder het Koelerion albescentis (voorheen geplaatst in het Bromion erecti resp. Corynephorion canescentis). Een successieschema wordt aangetroffen op p. 12.
In deze publikatie worden onder meer twee nieuwe onderverbonden en vijf nieuwe associaties geintroduceerd, van welke hier een korte karakteristiek volgt.
Erodio-Koelerion albescentis. Veelal enigszins open duinvegetaties overwegend gevormd door Bryochamaephyta, Chamaephyta lichenosa en Therophyta. Min of meer kalkrijk substraat. Vb.: Erodium glutinosum-Phleum arenarium-ass.
Luzulo-Koelerion albescentis. Gesloten duingraslanden, latere successiestadia vertegenwoordigend. Overheersende levensvorm: Hemicryptophyta. Bodem als regel oppervlakkig enigszins ontkalkt. Vb.: Taraxacum obliquum-Galium verumass.





